Een tomaat met oregano, een warme pan met kaneel, een pasteitje dat naar munt ruikt: kruiden veranderen niet alleen de sterkte van een smaak, maar ook de richting ervan. Citroen kan frisheid geven, olijfolie draagt geur door het gerecht en een kruid legt een herkenbaar accent. Met een kleine voorraad kun je daardoor heel uiteenlopend koken.
Deze gids begint bij ruiken en proeven. Wat wil je bereiken: groen en fris, droog en kruidig, warm en rond of juist anijsachtig? Kies eerst die richting en pas daarna een potje. Een gerecht wordt meestal duidelijker wanneer één aroma de leiding krijgt en de rest ondersteunt.
Griekenland heeft geen enkel vast kruidenrecept. Eilanden, steden, families en koks maken verschillende keuzes. De toepassingen hieronder zijn herkenbare voorbeelden en eigen kookvoorstellen; niet ieder genoemd kruid hoort verplicht in ieder gerecht.
02 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Kruiden, specerijen en andere smaakmakers
In de keuken noemen we vooral bladeren en zachte stengels kruiden: peterselie, dille en munt. Specerijen komen vaak van andere plantendelen, bijvoorbeeld zaad, vrucht, schors of bloemknop. Kaneel is schors, kruidnagel een gedroogde bloemknop. De grens is culinair bruikbaar, maar niet absoluut: één plant kan meerdere smaakmakers leveren.
Venkelgroen en venkelzaad smaken verwant, maar hebben een andere structuur en intensiteit. Hetzelfde geldt voor korianderblad en korianderzaad. Ze zijn daarom niet zomaar in gelijke hoeveelheden uitwisselbaar. Knoflook, ui, citroensap en zout horen in weer andere categorieën, maar bepalen samen met kruiden de balans van het bord.
Op een Grieks etiket zie je vaak μυρωδικά voor aromatische kruiden en μπαχαρικά voor specerijen. Let op het enkelvoud μπαχάρι: dat kan specifiek piment betekenen. Een potje met dat woord is dus niet vanzelf een algemeen kruidenmengsel.
Wrijf gedroogde blaadjes vlak voor gebruik tussen je vingers. Voeg bij een salade eerst weinig toe; het aroma kan sterker worden wanneer de blaadjes vocht opnemen.
Gebruik oregano als hoofdaccent naast citroen en olijfolie. Een dikke laag op fel vuur kan verbranden; strooi een deel liever na het grillen.
04 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Tijm · θυμάρι
Tijm · AI-illustratie
Smaak: Warm, houtig en soms bijna bloemig. Probeer bij: Ovenaardappelen, paddenstoelen en langzaam gegaarde gerechten.
Laat een klein takje rustig meetrekken en haal de houtige steel weg. Proef voordat je extra toevoegt: gedroogde tijm kan vrij dominant zijn.
Vergelijk tijm en oregano op een stukje warme aardappel. Tijm geeft vaak een rondere, houtige indruk; oregano kan scherper naar voren komen.
05 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Rozemarijn · δεντρολίβανο
Rozemarijn · AI-illustratie
Smaak: Harsig, krachtig en dennenachtig. Probeer bij: Aardappelen, lam en stevige ovengroenten.
Hak de naaldjes heel fijn of gebruik een heel takje dat je later verwijdert. Grove losse naalden kunnen in een zacht gerecht onprettig eten.
Op Kreta is rozemarijn herkenbaar bij slakken met azijn. Thuis kun je die richting onderzoeken met gebakken paddenstoelen, een klein takje en een scheutje azijn.
06 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Dille · άνηθος
Dille · AI-illustratie
Smaak: Groen, zacht anijsachtig en fris. Probeer bij: Yoghurtsaus, rijst, spinazie, courgette en vis.
Snijd zachte stelen fijn en voeg een deel van het groen pas aan het einde toe. Zo krijgt een warme vulling zowel een geïntegreerde als een frisse kruidensmaak.
Dille en citroen kunnen elkaar versterken. Proef eerst vóór je extra citroensap toevoegt: frisheid is niet hetzelfde als zuur.
07 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Munt · δυόσμος
Munt · AI-illustratie
Smaak: Fris en groen; kruizemunt is doorgaans ronder dan pepermunt. Probeer bij: Courgettekoekjes, gehaktballetjes, kaasvullingen en salades.
Gebruik de blaadjes en snijd ze kort voor het mengen. Start met een klein deel van je bosje: munt kan een milde kaas- of courgettesmaak snel overnemen.
Pepermunt kan koeler en nadrukkelijker smaken dan de δυόσμος uit een Grieks recept. Ruik aan het product in plaats van alleen op de Nederlandse naam te vertrouwen.
Zachte stelen kun je zeer fijn snijden voor de basis van een gerecht; grof blad werkt mooi als afwerking. Was en droog het bosje voordat je het snijdt.
Peterselie kan ruimte laten voor andere smaken. Gebruik haar als groene basis en voeg daarna pas een kleiner accent van munt of dille toe.
09 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Venkelgroen · μάραθος
Venkelgroen · AI-illustratie
Smaak: Duidelijk anijsachtig, zachter en groener dan het zaad. Probeer bij: Groentepasteien, bonen en rijstvullingen.
Hak zachte sprieten fijn en verwijder taaie stelen. Combineer voor een eerste proef met prei of spinazie, zodat het aroma een zachte ondergrond heeft.
De Kretenzische marathopita draait om de geur van venkel. Een gewone venkelknol uit de winkel levert een andere verhouding tussen groente, structuur en kruid.
10 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Basilicum · βασιλικός
Basilicum · AI-illustratie
Smaak: Zoet-geurig, groen, soms kruidnagelachtig. Probeer bij: Tomaat, aubergine, zachte kaas en een laatste accent op soep.
Scheur of snijd de bladeren vlak voor het eten. Lang hard koken maakt het frisse karakter minder herkenbaar; voeg voor een duidelijk bladaccent pas op het einde toe.
Basilicum is een mogelijke keuze, geen automatische vervanger voor oregano in elke Griekse salade. Maak twee kleine porties en vergelijk hun karakter.
11 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Laurier · δάφνη
Laurier · AI-illustratie
Smaak: Warm, droog en subtiel balsamisch. Probeer bij: Linzen, bonen, tomatenstoof en vleesgerechten.
Laat een heel blad in een vochtig gerecht meetrekken en verwijder het vóór het serveren. Het blad blijft taai; fijnmalen verandert zowel de dosering als de textuur.
Het aroma is vaak een achtergrondtoon. Proef een lepel van de saus op zichzelf voordat je besluit dat er nog een blad bij moet.
12 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Salie · φασκόμηλο
Salie · AI-illustratie
Smaak: Aards, kamferachtig en vrij krachtig. Probeer bij: Witte bonen, pompoen en stevige vleesgerechten; ook als kruidenthee.
Begin in een pan met enkele kleine blaadjes en bouw op naar smaak. Salie past minder vanzelfsprekend bij iedere frisse yoghurtbereiding dan dille of munt.
Gebruik een bescheiden hoeveelheid om te leren herkennen waar de aangename kruidigheid overgaat in een overheersende, bijna medicinale smaak.
13 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Marjolein · μαντζουράνα
Marjolein · AI-illustratie
Smaak: Zacht kruidig, ronder en vaak bloemiger dan oregano. Probeer bij: Bonen, tomatensaus, groentevullingen en lichte stoofgerechten.
Probeer marjolein wanneer oregano voor jouw gerecht te scherp voelt. Begin met een kleine hoeveelheid en proef opnieuw nadat de saus even heeft gestaan.
De volksnaam zegt niet altijd precies welke soort in een zakje zit. Op Kreta worden ook lokale aromatische verwanten gebruikt; controleer zo mogelijk de botanische naam.
14 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Bonenkruid · θρούμπι
Bonenkruid · AI-illustratie
Smaak: Stevig, peperig en verwant aan de geurwereld van tijm en oregano. Probeer bij: Bonen, kikkererwten en geroosterde groenten.
Laat gedroogd bonenkruid rustig meekoken in een peulvruchtengerecht. Voeg aanvankelijk geen grote hoeveelheid oregano toe: je wilt het eigen aroma kunnen herkennen.
Niet hetzelfde als tijm, ook al kunnen de geuren op elkaar lijken. Een simpele pan bonen met olijfolie is een goede basis om het verschil te proeven.
Diktamos (δίκταμο), ook erontas genoemd, is verbonden met Kreta en de plant Origanum dictamnus. Malotira (μαλοτήρα) is een Kretenzische bergthee, doorgaans Sideritis syriaca. Het zijn geen andere namen voor gewone oregano en evenmin zwarte of groene thee van de theeplant.
Leer ze eerst als afzonderlijk kruidendrankje kennen. Volg de hoeveelheid en trektijd op het verpakte product, ruik boven het kopje en proef eerst zonder honing. Voeg pas daarna eventueel een klein beetje honing toe: zo merk je wat het kruid zelf bijdraagt.
Koop liefst een duidelijk geëtiketteerd product uit teelt. Neem geen planten mee uit een kloof en beschouw een volksnaam niet als voldoende identificatie. Verhalen over een kruid horen bij het culturele landschap; in deze gids behandelen we het aroma en het gebruik, zonder er een medische werking aan toe te schrijven.
16 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Kaneel · κανέλα
Kaneel · AI-illustratie
Smaak: Warm, houtig en zoet-geurig. Probeer bij: Tomatensaus, stoofvlees, rijstpudding en gebak.
Een stukje stok kun je laten meetrekken en later verwijderen. Poeder verspreidt zich meteen en blijft in de saus: begin met een kleine snuf.
Een kaneelaccent kan een hartige saus ronder laten ruiken zonder haar tot een zoet gerecht te maken. Proef naast een ongekruide lepel saus om het verschil te herkennen.
17 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Piment · μπαχάρι
Piment · AI-illustratie
Smaak: Een warme geur die aan meerdere zoete specerijen doet denken. Probeer bij: Stoofgerechten en bouillon.
Gebruik een paar hele korrels in een kruidenbuiltje, of een heel kleine hoeveelheid gemalen piment. Verwijder hele korrels voor het opdienen.
Piment is één specerij. De Engelse naam allspice betekent niet dat het een kant-en-klaar mengsel is.
18 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Kruidnagel · γαρίφαλο
Kruidnagel · AI-illustratie
Smaak: Zeer intens, warm en prikkelend. Probeer bij: Siroop, honinggebak en een achtergrondaccent in stoofsaus.
Begin met één exemplaar in een pan en proef tijdens het trekken. Verwijderen is eenvoudig wanneer je de kruidnagel in een zeefje of kruidenbuiltje stopt.
Als je alleen nog kruidnagel ruikt, is de balans voor een subtiele saus waarschijnlijk al verschoven. Voeg liever geleidelijk toe dan achteraf te moeten verdunnen.
19 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Komijn · κύμινο
Komijn · AI-illustratie
Smaak: Aards, warm en duidelijk hartig. Probeer bij: Soutzoukakia, peulvruchten en tomatensaus.
Laat een kleine hoeveelheid gemalen komijn kort in een vochtige of licht geoliede basis meekomen, zonder haar donker te laten worden. Voeg daarna de rest van het gerecht toe.
Niet verwarren met karwij. Voor een eerste eigen proef werkt een kleine snuf in een lepel warme kikkererwten; je hoeft niet meteen een hele pan te kruiden.
20 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Nootmuskaat · μοσχοκάρυδο
Nootmuskaat · AI-illustratie
Smaak: Warm, rond en krachtig. Probeer bij: Béchamel, aardappelpuree en zachte groentevullingen.
Rasp een klein beetje over een lepel saus, meng en proef. Verse rasp is gemakkelijk te doseren, maar een onopvallend ogend beetje kan al veel geur geven.
Gebruik het als achtergrond bij een romige saus. Combineer niet vanaf het begin grote hoeveelheden kaneel, piment én nootmuskaat; je verliest dan het zicht op hun afzonderlijke bijdrage.
21 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Zwarte peper · μαύρο πιπέρι
Zwarte peper · AI-illustratie
Smaak: Prikkelend, kruidig en aromatisch. Probeer bij: Bijna elke hartige bereiding, vooral als afwerking.
Maal vlak voor het gebruik als je de verse geur belangrijk vindt. Proef soep of saus na het toevoegen opnieuw: scherpte is slechts een deel van wat peper doet.
Paprika en zwarte peper komen van verschillende planten. In het Grieks kan πιπέρι in een samenstelling naar een peperproduct verwijzen; lees de volledige naam.
22 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Paprika en boukovo · πάπρικα · μπούκοβο
Paprika & boukovo · AI-illustratie
Smaak: Van mild en fruitig tot heet; gerookt geeft een extra rooktoon. Probeer bij: Bonen, ovengroenten, worstgerechten en tafelafwerking.
Controleer of het product γλυκιά (zoet/mild), καυτερή (heet) of καπνιστή (gerookt) is. Boukovo bestaat uit pepervlokken; de scherpte verschilt per product.
Laat paprikapoeder niet lang op een droge, zeer hete panbodem liggen. Meng het door de basis en voeg tijdig vocht toe om een verbrande smaak te vermijden.
23 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Korianderzaad · κόλιανδρος
Korianderzaad · AI-illustratie
Smaak: Warm, licht citrusachtig; anders dan het verse blad. Probeer bij: Aardappelen, groenten en marinades.
Kneus enkele zaadjes voor een duidelijker aroma. Je kunt hele zaadjes kort in een droge pan verwarmen tot ze geuren; laat ze niet roken of donker verkleuren.
Het blad met dezelfde plantnaam is geen gelijkwaardige vervanger voor het zaad. Koop voor een recept dat om zaad vraagt geen bosje groene koriander als rechtstreekse vervanging.
24 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Anijs en venkelzaad · γλυκάνισος · μαραθόσπορος
Anijs & venkelzaad · AI-illustratie
Smaak: Beide anijsachtig, maar met een eigen geur en zoetindruk. Probeer bij: Brood, koekjes en kleine accenten in hartige bereidingen.
Kneus een klein beetje en ruik aan beide naast elkaar. Gebruik ze niet zonder te proeven in dezelfde hoeveelheid: de intensiteit en het gewenste karakter verschillen.
Anijs wordt geassocieerd met ouzo; dat maakt niet iedere Griekse gedistilleerde drank anijsachtig. Kretenzische tsikoudia heeft gewoonlijk geen anijsaroma.
25 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Saffraan uit Kozani · κρόκος Κοζάνης
Saffraan · AI-illustratie
Smaak: Een eigen droog-bloemig aroma en een gele kleur. Probeer bij: Rijst, bouillon en visgerechten.
Laat een kleine hoeveelheid draadjes vooraf in wat warm kookvocht trekken en voeg dat vocht aan het gerecht toe. Volg voor een eerste gerecht een recept met een duidelijke hoeveelheid.
Koop draadjes met herkomstinformatie. Geel kleurend poeder is niet automatisch saffraan; kleur en aroma zijn twee verschillende eigenschappen.
26 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Mastiek van Chios · μαστίχα
Mastiek · AI-illustratie
Smaak: Harsig, fris en zeer herkenbaar. Probeer bij: Zoet brood, roomdesserts en ijs.
Voor culinair gebruik neem je eetbare mastiek. Kleine harskorrels laten zich makkelijker fijnmaken met een beetje suiker; reken die suiker mee in je recept.
Het is hars en dus botanisch geen zaad of blad. Begin zeer bescheiden: een aangenaam fris accent kan bij een te grote hoeveelheid overheersen.
27 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Mahlepi en kardemom · μαχλέπι · κάρδαμο
Mahlepi & kardemom · AI-illustratie
Smaak: Mahlepi: pitachtig en amandelachtig. Kardemom: fris-kruidig. Probeer bij: Tsoureki en andere geurige zoete degen, afhankelijk van het recept.
Gebruik een recept als doseringsbasis. Gemalen specerijen hebben een andere intensiteit naarmate ze ouder zijn; extra toevoegen is niet altijd een oplossing voor een uitgewerkt potje.
Koop mahlepi als culinair product. Zelf allerlei vruchtpitten malen is geen gelijkwaardige manier om een ontbrekende specerij te vervangen.
28 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Van gerecht naar kruidencombinatie
Begin bij de hoofdgrondstof en kies één herkenbare richting. De combinaties hieronder zijn eigen startpunten om mee te koken, geen vaste receptregels. Laat een kruid weg als je het niet lekker vindt; vervang het niet automatisch door een even grote hoeveelheid van iets sterkers.
Gerecht of basis
Startcombinatie
Wanneer toevoegen
Tomaat en feta
Oregano + olijfolie; eventueel zwarte peper
Oregano vlak voor serveren, dan even laten staan
Citroenaardappelen
Oregano óf tijm + citroen
Kruiden bij het bakken; fris citroenaccent na proeven
Yoghurtdip
Dille óf munt + knoflook
Na mengen laten rusten; opnieuw proeven
Courgettekoekjes
Munt + peterselie
Door de vulling vóór het bakken
Groentepastei
Dille + peterselie; eventueel venkelgroen
Door een uitgelekte, afgekoelde vulling
Witte bonen
Laurier + peterselie
Laurier tijdens garen, peterselie deels aan het einde
Tomatenstoof
Laurier + klein kaneelaccent
Rustig laten trekken; hele specerijen verwijderen
Soutzoukakia
Komijn + knoflook
Komijn door het gehakt volgens je recept
Gebakken paddenstoelen
Rozemarijn + een beetje azijn
Takje tijdens bakken; azijn gedoseerd aan het einde
Béchamel
Een kleine rasp nootmuskaat
Door de warme saus, daarna opnieuw proeven
Yoghurt met fruit
Klein kaneelaccent óf een beetje kardemom
Over een kleine proefportie verdelen
29 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Vers of gedroogd: kies op functie
Verse kruiden brengen ook vocht, kleur en bladstructuur mee. Gedroogde kruiden geven een andere geurindruk en zijn meestal compacter te doseren. Een vers bosje munt vervangen door een volle hand gedroogde munt levert daarom niet hetzelfde gerecht op.
Voor een eigen proef kun je beginnen met ongeveer één deel gedroogd op drie delen fijngesneden vers kruid, gemeten naar volume. Dat is hoogstens een vertrekpunt: soort, droging en ouderdom maken een groot verschil. Bij sterke kruiden liever nog lager beginnen. Proef nadat het gedroogde kruid tijd heeft gehad om vocht op te nemen.
Voor oregano of tijm kan gedroogd juist de gewenste richting zijn. Bij een salade die draait om een royale hoeveelheid verse peterselie is gedroogde peterselie veel minder geschikt om hetzelfde effect te bereiken. Vraag dus niet alleen hoeveel je moet vervangen, maar ook welke rol het kruid heeft.
30 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Toevoegen, kneuzen en verwarmen
Bouw aroma in lagen op. Een laurierblad mag in een stoofpot meetrekken. Een takje rozemarijn kan tijdens het bakken zijn geur afgeven. Een handje verse dille werkt vaak beter deels aan het einde. Dit zijn werkmethoden: volg bij een volledig recept de bedoelde bereiding en proef onderweg.
Kneus heel zaad pas wanneer je het nodig hebt. Kort verwarmen in een droge pan kan de geur duidelijker maken; stop zodra het aangenaam ruikt. Gemalen specerijen verbranden sneller. Zet de warmte lager en zorg dat je de volgende ingrediënten klaar hebt staan, zodat je de pan tijdig kunt aanvullen.
Vet en water geven een andere indruk van hetzelfde kruid. Proef daarom niet alleen droog uit een potje. Meng een klein beetje met de basis die je gaat eten: yoghurt voor een dip, warme saus voor een stoofpot of olie op een stukje brood. Snijd verse kruiden met een scherp mes en droog gewassen blad goed voordat je het verwerkt.
31 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Doseren en herstellen: eerst een proeflepel
Schep een lepel van je gerecht apart en voeg daar een klein beetje kruid aan toe. Zo kun je beoordelen of de smaakrichting klopt zonder meteen de hele pan te veranderen. Bevalt het, kruid dan de pan stap voor stap en proef opnieuw nadat alles is gemengd.
Voor vier porties kun je bij een eigen, eenvoudig groentegerecht starten met een halve theelepel gedroogde oregano of enkele eetlepels fijngesneden zacht kruid. Dat is een proefhoeveelheid, geen universele receptmaat. Kaneel, piment, kruidnagel, mastiek en nootmuskaat vragen een veel terughoudender begin.
Te sterk gekruid? Haal hele specerijen en takjes eruit. Vergroot zo nodig de ongekruide basis: extra tomaat, bonen of yoghurt, passend bij het gerecht. Citroen en suiker verwijderen een specerij niet; ze veranderen alleen de balans. Is iets echt verbrand, dan helpt meer kruid meestal niet. Probeer een nieuwe, kleine basis en meng alleen als de smaak nog aangenaam blijft.
32 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Drie kleine proeverijen voor thuis
1. Oregano tegenover tijm. Verdeel een gekookte aardappel over drie schaaltjes. Geef elk eenzelfde beetje olijfolie. Laat één portie naturel en voeg aan de andere twee respectievelijk een klein snufje oregano en tijm toe. Proef eerst zonder citroen, daarna met een paar druppels. Noteer welk aroma je langer blijft herkennen.
2. Munt tegenover dille. Verdeel naturel yoghurt over drie kommetjes. Meng een klein beetje fijngesneden munt door één en dille door een ander. Voeg nog geen knoflook toe: die maakt het lastiger om het verschil rustig te leren kennen. Proef direct en nogmaals na tien minuten.
3. Warmte zonder zoetigheid. Verwarm een eenvoudige tomatensaus en zet enkele lepels apart. Geef één een klein kaneelaccent, een tweede een beetje komijn en laat een derde naturel. Vergelijk geur, nasmaak en het gevoel van rondheid. Je hoeft niet te kiezen welke het meest Grieks is; onderzoek welke versie bij jouw maaltijd past.
33 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Kopen, bewaren en een bruikbare voorraad
Koop liever kleine hoeveelheden die je daadwerkelijk gebruikt. Bekijk verpakking, ingrediënten en herkomst; een zakje met een Kretenzisch landschap op de voorkant vertelt niet vanzelf waar het kruid groeide. Bij een mengsel wil je ook weten of zout, chili of andere ingrediënten zijn toegevoegd.
Bewaar gedroogde kruiden en specerijen goed afgesloten, droog en donker, uit de buurt van het fornuis. Schud niet rechtstreeks boven een dampende pan: schep eerst een beetje in een droog lepeltje. Schrijf de openingsdatum op het potje en ruik geregeld. Een zwak aroma is een reden om een kleiner vers potje te kopen, niet om eindeloos meer oud poeder toe te voegen.
Bewaar verse kruiden schoon en passend gekoeld; vermijd een nat samengeperst bosje. Zachte kruiden kun je fijnsnijden en in kleine porties invriezen voor warme gerechten. De structuur na ontdooien is anders, dus reken niet op hetzelfde frisse blad voor een salade.
Een eerste voorraad kan bestaan uit oregano, tijm, laurier, zwarte peper, kaneel en komijn, aangevuld met verse peterselie, dille of munt naar je weekmenu. Bouw daarna uit. Een kleine verzameling die je kent is handiger dan twintig geopende potjes die je zelden gebruikt.
34 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Zes verwarringen om te onthouden
Verwarring
Wat helpt bij het kiezen
μπαχάρι versus μπαχαρικά
Piment kan μπαχάρι heten; μπαχαρικά is het algemene woord voor specerijen.
Komijn versus karwij
Andere specerijen met verschillende aroma’s; controleer κύμινο voor komijn.
Munt versus pepermunt
δυόσμος verwijst doorgaans naar kruizemunt; pepermunt kan veel koeler smaken.
Venkelgroen versus zaad
Het blad geeft groen en volume, het zaad een compacter aroma.
Oregano versus marjolein
Verwant, maar geen identieke geur of vaste één-op-éénvervanging.
Boukovo versus gerookte paprika
Vlokken zijn niet automatisch gerookt en kunnen mild of heet zijn.
35 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Griekse woorden voor de markt en de menukaart
De onderstaande schrijfwijzen helpen bij het lezen van een etiket of het stellen van een korte vraag. Een verkoper kan je vertellen wat hij aanbiedt en hoe hij het zelf gebruikt. Vraag bij een onbekend mengsel door naar de ingrediënten.
Grieks
Nederlands
φρέσκα μυρωδικά
Verse aromatische kruiden
αποξηραμένα βότανα
Gedroogde kruiden
μπαχαρικά
Specerijen
χωρίς αλάτι
Zonder zout
Είναι καυτερό;
Is het heet/pittig?
Περιέχει αλάτι;
Zit er zout in?
Τι περιέχει αυτό το μείγμα;
Wat zit er in dit mengsel?
Είναι από την Κρήτη;
Komt het van Kreta?
36 · KRUIDEN & SPECERIJEN
Bronnen en verder koken
De bronnen hieronder onderbouwen de regionale context en enkele specifieke toepassingen. De smaakbeschrijvingen, proefopdrachten, doseeradviezen en combinatietabel zijn eigen culinaire uitleg. De proefhoeveelheden zijn startpunten om zelf aan te passen.
Van tsikoudia, rakomelo en Kretenzische wijn tot koffie, bergthee en lokale limonade. Ontdek herkomst, smaak, gebruiken en de woorden om zelf te bestellen.
60 planten- en dierenportretten, acht leefgebieden en 44 verdiepende hoofdstukken. Van olijfboom en oleander tot lammergier, zeeschildpad en het kleine leven tussen de stenen.